Gisteren, zaterdag 28 december, stonden al in de vroege
morgen hele rijen mensen voor de circa 900 vuurwerkverkooppunten die Nederland nog altijd telt. Negenhonderd verkooppunten voor pakweg 1,5
miljoen Nederlanders (10 tot 12 procent van onze bevolking) die er een ontembaar
genoegen in scheppen om zelf vuurwerk af te steken.
(tekst: Wim Meijer)
Sommige verkooppunten openden hun deuren al meteen om 00.00
uur, midden in de nacht dus, om te voldoen aan de behoefte van al die
liefhebbers die niet snel genoeg het door hun bestelde pakket vuurwerk in bezit
konden krijgen. Wat een plezier zal ’t weer worden straks in dat eerste halve
uurtje van 2025! Het is het enige halfuurtje van het jaar waarvan je vooraf al kunt
invullen hoe dat gaat verlopen. Natuurlijk veel ‘ohhhh en ahhhh’ bij het zien
van de vaak indrukwekkende vuurpijlen, fonteinen, cakeboxen en grondbloemen.
Maar helaas, ook veel (zeg maar gerust veel te veel) ‘auw’ door het gebruik van
bommen, granaten en cobra’s.
IJmond Nieuws
Vuurwerkpakketten wachtend in de overvolle vuurwerkmagazijnen
Hoe groot de bewondering ook mag zijn voor het goedgekeurde
en veilig afgestoken siervuurwerk, kijken we om half een ’s nachts naar de resultante
van de eerste 30 minuten van het nieuwe jaar dan is er weinig reden meer tot vrolijkheid. Dan is het niet meer de bewondering voor die fraaie vuurregens die is blijven hangen, maar
de aanblik van een slagveld van vuurwerkafval op de straten, grote wolken fijnstof
(fijnstofuitstoot tijdens oud en nieuw is ongeveer 5% van de totale nationale
fijnstofuitstoot in een heel jaar), schade aan ruiten, brievenbussen, bushokjes,
auto’s, altijd wel een paar huizen met rieten daken die voor extra ‘vuurwerk’
zorgen, ziekenhuizen die de aanloop van brandwondslachtoffers nauwelijks bij
kunnen houden, (huis)dieren die compleet van slag raken en lange tijd blijven,
en gemiddeld ieder jaar opnieuw tenminste 1 dodelijk slachtoffer. Hoezo “Gelukkig
Nieuwjaar’?
Pixabay
Met stijgende verbazing constateer ik ieder jaar opnieuw hoe
we in staat zijn om met elkaar, in de vroege ochtend van 1 januari, onze eigen
ramp te creëren en daar maar liefst het lieve sommetje van ruim 100
miljoen euro voor over hebben. Dat is heel veel geld, maar lang niet zoveel als
het geld wat nodig is om alle directe en indirecte schade te dekken, die door
het afsteken van vuurwerk wordt veroorzaakt. Want die schade blijft lang niet
beperkt tot die meetbare schade die door de schadeverzekeringen worden vergoed.
Denk alleen al aan alle medische kosten voor vuurwerkslachtoffers, variërend
van brandwonden en amputaties tot oogletsel en gehoorschade. En niet alleen de
medische kosten, maar ook het verlies aan arbeidsproductiviteit als gevolg van
geheel of gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid ten gevolge van door vuurwerk
veroorzaakt letsel.
Ik weet ‘t: ongetwijfeld zijn er een flink aantal onder u
(ik ga uit van 10 tot 12 % van de lezers) die het niet echts eens zijn met wat
ik vandaag schrijf. Tegen hen zou ik willen zeggen: “Toegegeven, wie ben ik om
stelling te nemen tegen iets waar veel mensen toch een soort van plezier aan
beleven. Maar ja, als er zoveel narigheid ontstaat voor het plezier van 'slechts' 10% van de bevolking, dan klopt er toch iets niet. Dat kun je toch op je vingers
natellen… nóg wel!”
Column van kinderboekenschrijfster Bibi Dumon Tak
Terwijl ik vanmorgen deze column schreef luisterde ik ook
naar het radioprogramma ‘Vroege Vogels’. Iedere zondagmorgen wordt in dat
programma een column voorgelezen. Dit keer was het de beurt aan kinderboekenschrijfster
Bibi Dumon Tak. In haar column van vandaag “Het jaarlijkse oorlogscarnaval” maaide
ze op indrukwekkende wijze het gras voor mijn voeten weg. En wat mij betreft
liet ik dat met liefde gebeuren vanuit de gedachte: “Als alles al gezegd is op
een zo indrukwekkende en overtuigende wijze, wat moet ik er dan nog aan
toevoegen?”
Voor Oudjaarsavond wens ik u allen in ieder geval een fijne
en gezonde jaarwisseling, met bubbels, oliebollen, appelflappen, een mooie Oudejaarsconference, een potje scrabble met de familie en bovenal veel
liefde en gezondheid in het nieuwe jaar. En neem van mij aan: daar is echt geen
vuurwerk voor nodig!